Translate

zondag 24 februari 2013

Rob goes for president

Bejaardentehuizen gaan sluiten. Rob's toekomst valt in duigen. Nog een paar jaartjes zingend door het land, en dan zijn laatste jaren slijten in het bejaardentehuis. En alleen nog maar op zondag optreden voor zijn bejaarde medemens. Ja, zo had hij zich dat voorgesteld.

Op internet leest hij, dat hij niet de enige is met een obstinaat gevoel. En dat is nog zachtjes uitgedrukt, want eigenlijk is hij woedend. Zijn leven lang heeft hij de mensen met zijn liedjes vermaakt en nu laat de regering hem - en al die andere bejaarden - als dank: barsten.

De telefoon rinkelt. Hij neemt de hoorn op. "Of hij...? Op het Malieveld..." 'Ja, natuurlijk! Jazeker, ik kom er direct aan,' zegt hij met een bijna grommende stem. Onmiddellijk daarna rent hij naar de kast en zoekt haastig naar zijn trompet. 'Een bejaardenopstand! En of hij die wil aanvoeren, mompelt hij in zichzelf. Natuurlijk doe ik dat!'

Vlak voordat hij vertrekt, kijkt hij nog even naar het NOS journaal. Sacha de Boer zegt bijna opgetogen: 'Eindelijk is het dan zo ver. Vanuit alle delen van het land trekken honderdduizenden bejaarden met of zonder rollator richting Den Haag.
Het hele wegennet is geblokkeerd!'

Even later rent Rob luid trompetterend de straat op. Uit allerlei hoeken en gaten komen er ouderen tevoorschijn, en sluiten zich bij hem aan. 'Volg mij, schreeuwt hij, ...op naar Den Haag!'

Op het Malieveld slaan de bejaarden massaal hun kamp op. En als de M.E. wil ingrijpen ontstaan er Monty Python-achtige taferelen.
Want de oudjes slaan met hun wandelstokken en paraplu's genadeloos in op de politie, die daarna snel afdruipt.


"Hier valt niets tegen te beginnen", hoor ik een commandant met een pijnlijk gezicht zeggen.

Mark Rutte en Diederik Samsom proberen de menigte nog tot bedaren te krijgen. Maar dat lukt totaal niet. Nee, het werkt zelfs averechts. Woedende senioren storten zich op de bewindslieden, en... gijzelen hen!
"Aan de schandpaal ermee... Op naar het Binnenhof", hoor ik mensen roepen. Politici vluchten alle kanten op en niet lang daarna wordt de Tweede Kamer door de bejaarden ingenomen.

Als Rob de kansel betreedt, klinkt er een enorm gejuich en van alle kanten roepen de aanwezigen: 'Rob for president... We want Rob for president!' Hij maant de uitzinnige menigte tot stilte, maar het helpt niet. Pas als hij een paar keer luid trompettert, wordt het langzaam stil.

Omringd door talrijke journalisten neemt hij het woord.
'Yes we can! Yes I can! Ja, ik zal graag jullie president zijn... Wij, die ons leven lang hard gewerkt hebben.... Wij laten ons onze bejaardentehuizen niet afnemen. Wij laten ons niet afdanken. Vanaf nu zijn wij de baas! Zijn woorden worden met een luid applaus onthaald.

En terwijl Rob met een gelukzalige glimlach om zijn mond de zaal rondkijkt, wordt er plotseling hard op zijn voordeur geklopt. Hij schrikt wakker uit zijn droom.... Het is zijn oude buurvrouw van zesennegentig. Verdomme, denkt hij... Helemaal vergeten. Ik had beloofd om vandaag met haar sneeuwballen te gaan gooien.

In zichzelf mompelend, sloft hij teleurgesteld naar de deur. 'Wat een fantastische droom was dat. Eigenlijk te mooi om waar te kunnen zijn. Hij als president van het bejaardenland..., president van een nieuw Nederland. Jammer..., dat het maar een droom was.'