Translate

zondag 20 januari 2013

Extra dekens voor de kou

Zondag. Rob ligt in bed. Hij is een beetje grieperig. Terwijl hij een zakdoek vol snottert, kijkt hij door het raam naar buiten. Een roodborstje zit een beetje verkleumd op de vensterbank.
Dikke sneeuwvlokken dwarrelen naar beneden. Hij rilt en duikt diep weg onder de extra dekens.
Winter! Rob weet er alles van!

Want lang geleden zong hij:

'En in de winter extra dekens voor de kou.
Wat verwarming zonder jou.'


Buiten hoort hij een grommende buurman. Kromgebogen probeert hij - zuchtend en kreunend - zijn tuinpad sneeuwvrij te maken.

'Het is vechten tegen de sneeuwman, het is een bij voorbaat verloren duel, mompelt Rob in zichzelf. Dat die man dat niet begrijpt?

Maar, misschien moet hij wel van zijn vrouw de sneeuw wegruimen!

Omdat zij jaren geleden tijdens het skiën haar been heeft gebroken, dat nooit meer echt is goed gekomen. En waardoor ze nu nog steeds rondloopt, alsof ze een houten poot heeft.

Ze kijkt - sinds dat ongeval - ook zo chagrijnig. En dan die rode pukkel op haar voorhoofd, die alsmaar groter lijkt te worden.
Vroeger was dat een lekker ding, maar nu lijkt ze wel een oude heks.

Haar man is er ook niet vrolijker van geworden. In zijn jeugd schijnt hij heel sportief te zijn geweest. Het was een goeie wielrenner - en dat allemaal zonder doping. Hij heeft mij ooit nog eens trots een foto laten zien, waarop hij - met een fles rode wijn aan zijn mond en een stokbrood onder zijn arm - onder de Arc de Triomphe stond afgebeeld. En, moet je hem nu toch eens zien!
Tja, zo kan het in het leven verkeren.'

Het roodborstje tikt tegen het raam en lijkt te zeggen: Niet iedereen kan zo gelukkig zijn als jij.

Rob snottert nog een zakdoek vol en kruipt daarna diep onder de dekens.
En een beetje onduidelijk murmelt hij: 'Ik hoop dat ik mij morgen beter voel.'

In zijn dromen ziet hij een grommende buurman met een vlammenwerper de sneeuw te lijf gaan.